Vic Anciaux, geboren te Boechout op 24 december 1931 woont in Brussel-Laken. 

Reeds in de jaren veertig speelde hij toneel in het Onze-Lieve-Vrouwcollege te Antwerpen en vertolkte er o.a. rollen in “De gelaarsde kat” van Alice Toen, “Jozef in Dothan” van Joost van den Vondel en “De ivoren deur” van Milne.

In zijn geboortedorp Boechout deed hij mee aan de toneelvoorstellingen van “De ingebeelde zieke” van Molière, “Vlammende vleugels” van William Van den Berg, en “Hans Worst” van Anton Van de Velde.

Tijdens zijn hoogstudentenjaren aan de KUL richtte hij in de jaren ’50 de toneelkring ROELAND op. Hij speelde meerdere malen kleine sketches op de vergaderingen van het Verbond in de grote Aula.   In ’t bijzonder was het stuk “Kermisvolk op Kerstmis” van Henri Gheon in een regie van Ast Fonteyne of zijn assistent Senne Rouffaer.

Toen hij huisarts was in Machelen in de jaren ’60 vertolkte hij met de “Vondelkring” personnages in “Nu het dorp niet meer bestaat” van Tone Brulin, “De Regenmaker” van Richard Nash, zelfs in de revue-operette “Het Witte Paard”  en “De Wonderdoktoor” van Jos Janssen.

Tijdens de periode dat hij volksvertegenwoordiger en staatssecretaris werd, van 1965 tot 2000, was hij te zien en te horen bij de toneelkring “Rust Roest” in Neder-Over-Heembeek en wel met “Hora est” van Paul Coppens, “Hou mijn moeder in de gaten” van Fred Muylaert, “Liefde half om half” van Ayckburn, “Valstrik voor een man alleen” van Robert Thomas, “Zachtjes met de deuren” van Fermaud, “Vincent…slaap kindje slaap” van Marc Smet, “Op blote voeten in het Park” van Neil Simon, “Poging tot vestiging van een nieuw wereldrecord” van Paul Koeck, “Kaviaar of Spaghetti” van Scarpicci en Tarabusi en “De nonnen van Navarone” van Anton Klee.

In Gent deed hij mee met Studio Herman Teirlinck en was verteller tijdens het Vertelfestival van de Gentse feesten.

Bij Willen Is Kunnen was hij verteller op verscheidene locaties met het werk “Anne Frank in het Achterhuis”. Hij vertokte er rollen in “De drie zusters” van Anton Tsjechow, “De Vrek” van Molière, “Peer Gynt” van Ibsen en verleden jaar “De Vierde Koning” een monoloog van Gerard Walschap onder regie van Theo Hijzen.
Vic Anciaux is één van die rare politici die “echt” toneel en “echt” politiek vertokte, hij was één van de eerste die het immigrantenprobleem in Brussel ter sprake bracht. Hij heeft ook drie zonen en een kleinzoon die actief in de politiek zijn.

Met een dergelijk CV is hij het Ridderschap waardig.

Make a Free Website with Yola.